Gele Knolamaniet



Latijnse naam: Amanita citrina.

Kenmerken: de hoed is bleekachtig geel en heeft een doorsnede van 4 - 10 cm. Op de hoed zitten wit-beige schubben. De plaatjes staan dicht opeen en zijn witachtiggeel.
De steel is wit of bleekgeel en heeft aan de voet een knol.

Groeiplaats: in loof- en naaldbossen, met name onder eiken en beuken; op zandgrond.
De paddestoel is algemeen.
Groeiperiode: augustus - november.

Fotolocatie: landgoed Warnsborn.
Datum foto: 1 oktober 2010.


volgende

terug naar overzicht